Oud postgebouw staat te
verloederen
De Weekbode
3 september 2010
Het
dossier van het voormalig postgebouw zorgde voor het meest
geanimeerde punt op een anders magere agenda.
De
gemeenteraad startte met een minuutje stilte voor gewezen
commissaris Marc Van Caneghem en sportraadvoorzitter Jan Derluyn
die deze zomer overleden zijn. Daarna kabbelde de raad rustig
verder. Het punt van het voormalig postgebouw, bijgevoegd door
Kurt Himpe (N-VA), was dat met het meest nieuwswaarde.
Het
voormalige postgebouw op de hoek van de Roeselaarsestraat en de
Baron De Pélichystraat staat er al jaren verloederd bij en het
ziet er volgens gemeenteraadslid Kurt Himpe (N-VA) niet naar uit
dat het dossier op korte termijn een goede afloop zal kennen.
Het
hoekpand dateert van 1897 en werd tot 1981 gebruikt door De
Post. In 1981 werd het gebouw beschermd als monument om reden
van artistieke waarde. Maar sinds het in particuliere handen
kwam, is de staat van het gebouw er enkel erger op geworden.
“In 1998 werd de eigenaar van het pand gerechtelijk vervolgd
en veroordeeld wegens verwaarlozing van een beschermd monument.
Sinds midden 2002 is het gebouw opgenomen in de inventaris van
de leegstaande gebouwen.
Raadslid
Himpe stelde de voorbije jaren al een reeks schriftelijke vragen
over de problematiek, vooral over de stabiliteit van het gebouw.
“In 2008 werd na een vraag van het raadslid de buitenstaat van
het gebouw nog helemaal gecontroleerd door de technische dienst.
De stadsdiensten verzekeren dat ook de toestand anno 2010 geen
probleem vormt inzake stabiliteit, maar het blijft uiteraard een
zeer spijtige zaak dat zo’n historisch gebouw in het Izegemse
centrum er verloederd bij staat”, aldus Kurt Himpe.
“Nu
blijkt dat de eigenaar van het pand (Lieven Goeminne, gewezen
uitbater van Future Sound, red) al een tijdje administratief
uitgeschreven is en dus administratief niet meer bestaat”,
weet raadslid Himpe. “Dat vergemakkelijkt de zaak natuurlijk
niet en volgens het Izegemse stadsbestuur zijn er geen
wettelijke middelen meer om op te treden”.
Kurt
Himpe vroeg daarom om te bekijken of de stad het pand niet kon
onteigenen. Burgemeester Gerda Mylle legde uit dat ze ook meer
dan verveeld zitten met het dossier en dat er al heel wat
initiatieven terzake werden genomen. Zo was de
huisvestingsdienst bereid om daar mee te investeren en het pand
om te bouwen tot een appartementsblok. Iets waarmee de eigenaar
destijds ook al begonnen was. Hoewel de eigenaar - door
domiciliefraude - officieel "niet meer bestaat" zat
het stadsbestuur al met hem rond tafel.
(Wouter Vander Stricht)